Geschiedenis

De geschiedenis van de reddingsbrigade in Castricum loopt terug tot voor de oorlog toen er op informele basis al sprake was van georganiseerde hulpverlening aan het Castricumse strand.

Onderbroken door de oorlog (het strand was toen spergebied) werd in 1948 door een groepje zwemliefhebbers het plan gevat ook een goed georganiseerde reddingsbrigade in Castricum van de grond te krijgen. Georganiseerd was misschien een groot woord, maar met enkel een oude bloembollenkeet (als strandpost) deed de brigade tot 1952 haar werk. In dat jaar spoelde er een sloep aan op het strand welke door de strandvonderij beschikbaar werd gesteld als reddingsboot.

Om te kunnen trainen moesten de leden 's winters op en neer pendelen naar het zwembad in Alkmaar en daarvoor een stevige contributie betalen. Dat maakte de club minder aantrekkelijk voor veel mensen. Soms was het kantje boord; een ledenwerfactie in 1958 moest de club voor haar ondergang behoeden. Na een bestuursfcrisis in 1962 (die was ontstaan doordat de nieuwe buitenboordmotor reeds na een half uur in zee verdween) kwam er een nieuwe voorzitter. Deze wist bij de gemeente geld los te peuteren. In 1973 kreeg Castricum een eigen zwembad en werd de vereniging langzaam aan aantrekkelijker voor de eigen inwoners. In 1978 introduceerde de toenmalige penningmeester Behrens het fenomeen donatieactie. Met de eerste opbrengsten kon in beter reddingmateriaal worden geïnvesteerd.

Mede dankzij het zwembad in Castricum kon de CRB starten met een eigen jeugdopleiding en de bezettingsgraad van de strandpost werd zienderogen beter met bovendien beter opgeleide leden. Een hevige storm in 1980 gooide roet in het eten door bijna de gehele strandpost met inventaris te verzwelgen. Een dieptepunt voor de vereniging. Het gemeentebestuur stak de helpende hand toe en er kwamen voor het eerst afspraken waarbij de gemeente voorzag in huisvesting en aanschaf van reddingsmaterieel.

Net op tijd voor de eerste jaren '80, toen de strandrecreatie duidelijk andere vormen begon aan te nemen. Het tot dan toe vertrouwde -rustige- beeld van baders en zwemmers maakte meer en meer plaats voor een grote schare van bont gekleurde watersporters. Surfen groeide in korte tijd uit tot volkssport nummer 1, met direct in het kielzog andere watersporten waaronder catamaran zeilen. Deze trend is nooit meer gestopt. Windsurfen maakte plaats voor kite-surfen, sporten werden aangepast voor het strand; beach-volleybal, strandvoetbal, deltavliegen en parapenten. De bekende rieten strandstoelen die werden verhuurd door Johan Sturing hebben inmiddels plaats gemaakt voor luxe strandcabines voorzien van alle luxe tot en met satelliet schotels aan toe. Met daaruit volgend weer een breder en aantrekkelijker aanbod van recreatie op het strand. Niet langer was Castricum het domein van de mensen van Camping Bakkum. Het werd druk, heel erg druk. Gegevens van de Rijkspolitie leren ons dat Castricum inmiddels het 3e strand van NoordHolland is als het gaat om bezoekersdichtheid.

Al deze ontwikkelingen hebben geleid tot aanpassingen binnen de reddingbrigade in zowel opleidingen als materiaal. De hulpverleningen op het water spelen zich steeds verder uit de kust af, terwijl het aantal ongevallen op het strand in de afgelopen jaren door de toenemende recreatie ongeveer is verviervoudigd!

Het aantal actieve hulpverleningen ligt momenteel rond de 230 per jaar. Er wordt intensief samengewerkt met de EHBO-vereniging, lokale politie en de ambulancedienst en een volledig opgeleid brigade lid stopt per jaar ongeveer 35 uur (!) enkel in ondersteunende opleidingen zoals EHBO, reanimatie en AED cursussen, opleidingen voor nieuw materieel en communicatiemiddelen zoals het nationale hulpverlening-netwerk C2000.
Dit alles naast de normale trainingsbelasting en voor vele leden nog het extra werk in commissies en materialenonderhoud. Het is vandaag de dag bijna niet voor te stellen dat dit alles nog steeds geschiedt met uitsluitend vrijwilligers. Castricum is de laatste reddingsbrigade langs de Nederlandse kust waar nog uitsluitend met vrijwilligers wordt gewerkt en dat is in deze tijd best iets om trots op te zijn.